Home
Mail ons sitemap Laatste updates
 
   
 

Column Jaap: Ons romantische dorp in 2003 en ons toeristische dorp nu 


geschreven in november 2012 voor wereldwijzer

In onze speurtocht naar een geschikte plek om later permanent te kunnen wonen, waren Mieke en ik het over één ding eens: we wilden niet in de stad wonen. Maar wel in de buurt van een stad, zodat we de drukte, als we dat wilden, konden opzoeken. Ik had een plekje op het oog dat nog bouwrijp gemaakt moest worden en redelijk geïsoleerd lag. Mieke vond dat te eenzaam. Een compromis later hebben we het dorpje Cikcilli, net buiten Alanya, gevonden. Echt Turks en er waren een paar bouwkaveltjes net buiten het dorp in het groen te koop. 

De kavels lagen iets hoger dan hun omgeving waardoor zij een mooi uitzicht hadden. Het kaveltje was op het moment van onze koop een boomgaard met citrusfruit. Enkele bomen konden blijven staan, zodat we eind van de zomer mandarijnen, grapefruit en citroenen uit eigen tuin kunnen eten. 

November 2003, een paar maanden nadat we akkoord hadden gegeven om te gaan bouwen, waren we de eigenaren van een Villa tussen de sinaasappel- en mandarijnbomen. Enkele dorpsbewoners bleken de bouw nauwkeurig te hebben gevolgd. (Foto's: voor- en achteraanzicht van onze villa in 2003).
Toen we de villa betrokken, was de eerste prioriteit om hem bewoonbaar te maken. We zijn met Turkse kennissen veel op pad geweest om de eerste meubeltjes en bedden te kopen. Elke keer als we in, of rond de villa bezig waren, werden we bescheiden maar met erg veel nieuwsgierigheid gevolgd.

Onze eerste nacht in de villa was er één met heel veel muggen. De villa was nog niet ingericht en we sliepen dan ook in een hotel in Oba. Maar, op de dag dat de bedden en het beddengoed aangekomen waren, kon er geslapen worden! Niet erg netjes, maar die avond hebben we een paar wijnglazen uit het hotel meegenomen en een mooie fles wijn gekocht. Het bleek buiten de villa stikke donker te zijn toen we aankwamen, dat was zoeken naar de sloten in de voordeur. Maar daarna konden we, met romantische bouwverlichting aan het plafond, de ramen wagenwijd open en met een mooi glas wijn, ons op het nieuwe bed installeren. De krekels buiten waren luidruchtig en we hoorden af en toe een uil. We voelden ons een beetje kasteelheer en vrouwe in een vriendelijke tropische omgeving.

Nadat we het licht hadden uitgedaan om te gaan slapen, hoorden we muggen. Heel veel muggen! We hebben een aantal pogingen gedaan om er een paar te meppen, maar het waren er te veel!. Om 3 uur in de ochtend hebben we besloten om ons aan te kleden en terug naar het hotel te gaan. Teleurgesteld, omdat we de eerste nacht in onze villa heel anders hadden voor gesteld. (Foto's: de slaapkamer met wijnglazen en de koelkast).
Op een dag, tijdens het afleveren van wat spulletjes, hadden het eerste contact met onze buurman van een paar 100 meter verderop. Wij spraken toen nog geen woord Turks en hij niets anders. Dat viel niet mee en we zijn helaas niet verder gekomen dan het aanwijzen van het naamplaatje op onze voordeur met “Jaap en Mieke” erop. Dat begreep hij en wij begrepen van hem dat hij het een mooi huis vond. We hebben ook nog kunnen vertellen dat we uit Nederland kwamen daarna hield het op. Het was meer dan duidelijk dat we iets aan deze taalbarrière moesten gaan doen. 

Terug in Nederland zijn we op zoek gegaan naar cursussen Turks en we zijn al snel begonnen bij de Volksuniversiteit. Dat viel vies tegen! We hebben daar onze leeftijd de schuld van gegeven.

De volgende vakantie waren we gewapend met een woordenboek en een heel klein beetje basiskennis Turks. Gelukkig had de plaatselijke dorpsgek veel geduld en hij was super nieuwsgierig. “Dorpsgek” is trouwens niet de juiste beschrijving. Hasan (niet zijn echte naam) liep regelmatig bij ons in de buurt zijn koeien uit te laten of hij was met zijn fiets met toeter onderweg. Hij werkte regelmatig bij boeren in de omgeving en hij is een enorme kletskous. Hij vertelde in het dorp braaf verder wat hij, in onze dialoogjes, te weten was gekomen. Waar we woonden en hoeveel kinderen we hadden. Dat we later hier wilden gaan wonen, hoe oud we waren, dat hij een shirt en een broek van ons had gekregen voor het komende Suikerfeest! Het hielp enorm, om enigszins als deel van de gemeenschap hier te kunnen wonen. Kleine gesprekjes met de plaatselijke kleine winkeliers gaf ons het gevoel dat men erg geïnteresseerd in ons was.

Deze dialoogjes veroorzaakte ook regelmatig grote verwarring vanwege onze taalkennis of beter gezegd: het ontbreken daarvan. Een voorbeeld daarvan. Hasan had op zijn gebruikelijke drukke manier weer eens zitten babbelen in onze tuin. Tuin kon je het nog niet noemen, maar we hadden bananenbomen als erf afscheiding. Eén van de bomen was dood en daarom kregen we uitgebreide instructie hoe we die voortaan moesten behandelen. We begrepen hem nauwelijks, maar we dachten dat hij o.a. vertelde dat zijn familie een boomgaard had met bananenbomen, daarom wist hij er zoveel van. Hij zou s'ochtends voor ons ontbijt een paar bananen brengen of zoiets.

Het was nog steeds aardedonker in onze omgeving en we hadden zelf nog geen tuin of buitenverlichting. Die avond hoorden we ons tuinhek opengaan en gerommel in onze tuin! Doordat het zo donker was, konden we niet door het dubbele glas naar buiten kijken. Dus ik heb de tuindeur open moeten doen en ben de tuin ingegaan om te kijken wie of wat er rond liep. Bleek het Hasan te zijn met iets groots op zijn schouder. Dat grote ding bleek een nieuwe bananenboom te zijn die hij morgen met het ontbijt zou komen planten.

Het was een prachtige tijd waarin wij steeds beter konden communiceren. De villa werd steeds meer een huis en wij als eerste buitenlanders in het dorp werden steeds meer herkend en geaccepteerd. Er waren toen veel drie-etage Turkse woningen te vinden waarvan de onderste etage een hoge werkplaats was. Siersmeden, meubelmakers, kozijnproductie, en nog veel mer. Bij een aantal van deze lokale werkplaatsjes hebben we dingen en materialen gekocht en soms wat laten maken. Zo bouwden we langzaam aan onze sociale omgeving. Het was een plek waar we veel vrijetijd hebben doorgebracht. (Foto's: uitzichten vanaf het balkon in 2003 waarbij je rechts de zee kon zien).
Maar de vooruitgang heeft hier in snel tempo een paar zaken veranderd. Op één van de vakanties kwamen we in de nacht in een huurauto ons dorp binnen rijden. Bleken we ineens een middenberm met verlichte tulpen en straatverlichting in ons dorp te hebben. Veel van de drie-etage woningen zijn in de jaren daarna uitgekocht, afgebroken en vervangen voor twaalf-etage moderne appartementen blokken. Alanya bewoners weten nu Cikcilli te vinden als uitbreidingsgebied met veel woningen voor buitenlanders. Gevolg is dat er 's zomers veel West Europeanen wonen en die gaan niet met de lokale Turken om als die alleen Turks spreken. Wij worden nu vaak bekeken en behandelt als die Europeanen. (Foto: opname vanaf een motorfiets van het dorp)
Voor veel buitenlanders is de omgeving “vriendelijker” geworden. We hebben een grote supermarkt met alle producten die we als Europeaan kennen. De lokale 'lokanta' heet nu 'kebab restaurant' er is een menukaart in vier talen en je kunt met euro’s betalen. Gelukkig hebben een aantal lokale winkeltjes en werkplaatsjes het overleeft. Maar de buitenlander gaat liever naar de winkel waar je uit de Ikea gids kunt bestellen. De kwaliteit van de wegen en gebouwen is erg verbeterd, maar het is niet het dorp waar wij zijn komen wonen. Gelukkig grenst onze achtertuin aan Oba en deze gemeente staat hoogbouw tot (maar) vijf etages toe.
Hasan laat zijn koeien niet meer uit, maar hij snijdt gras en brengt dat naar huis. Grappig is dat hij het allemaal prachtig vindt. Hij begrijpt niet, dat wij al die hoge gebouwen niet zo mooi vinden en liever het dorp zien zoals het was.


.

.

Onze vila aan de achterkant in 2003
Onze vila aan de voorkant in 2003
Minimale inrichting maar we konden slapen. Op de vensterbank 2 glazen en een fles
Daar komt onze koelkast
Dit zag je vanaf ons balkon
Zelf de zee kon je zien
En toen was er asfalt een middenberm en torenflats
Nu zien we dit vanaf ons balkon